KIJK, IK MAAK NATUURLIJK GEEN VEREDELDE PASFOTO'S
Fotograaf Bob Bronshoff werkt af en toe voor De Bouwmeester. Hij maakt portretfoto’s van mensen. De uitvergrote foto’s komen naast een eveneens uitvergroot verslag van een gesprek met de geportretteerde te hangen. Woord en beeld vullen elkaar aan. “Ik wil een gezicht geven aan de woorden. Sommige mensen schrikken zich helemaal rot!”
In gesprek met Bob Bronshoff.
Laat zien wie je bent!
Het gesprek vindt plaats in de Amsterdamse studio van Bob. Tegenover De Nederlandsche Bank, boven de redactieburelen van De Groene Amsterdammer. Aan de wanden foto’s van bekende en minder bekende acteurs en artiesten en een enkele collega.
“Ik vraag nogal wat van de mensen die ik voor de lens krijg. Ze moeten zich openstellen. Laten zien wie ze zijn. Daarom benader ik mensen op een open manier. Ik ben eerlijk over mijn bedoelingen. Over wat ik met de foto wil. Je kunt niet van mensen vragen dat ze zich openstellen voor je, zich overgeven, en dan zelf een houding aannemen van: ‘Ja, sorry hoor, maar ik ben niet meer dan het verlengstuk van de camera’. Ze mogen van mij ook zien wie ik ben. Juist omdat ik zoveel van ze vraag neem ik de mensen ook serieus. Met professionele foto’s, gemaakt in een professionele setting en met professionele apparatuur. Ik besteed aandacht aan ze en probeer er achter te komen wie ik voor me heb. Dat doe ik vooral door te kijken.”
Bij het maken van foto’s let ik vooral op de blik van de mensen, de stand van hun ogen, hoe ze kijken. Die blik probeer ik ook vast te leggen in de portretten.
Natuurlijk, het is en blijft een momentopname, het portret dat ik maak. Dat weet ik ook wel. En ik zeg ook altijd: Het is fotografie, geen therapie! Maar ik geef mensen wel de kans om, via de foto, naar de rotzooi op het werk te kijken. Met een andere blik, zoals ze nog nooit eerder naar hun werk gekeken hebben. De foto creëert distantie. Je kijkt naar een portret van jezelf op je werk. Dan kan een heel ander perspectief geven. Opeens zie je waar het heen moet met het bedrijf. Wat jij met je werk wilt. Wat de oplossing is voor een probleem. Wat er moet gebeuren en wat daarbij jouw rol moet zijn.
Maar ik ben en blijf fotograaf. Als er drie portretfoto’s liggen van iemand en ik moet er één kiezen, dan kies ik uiteindelijk puur op fotografische gronden. Een twijfelkont wil ik dus niet persé als twijfelaar portretteren. Ik plak er geen etiket op. Als iemand gepassioneerd over z’n werk praat wil ik die persoon wel gepassioneerd op de foto krijgen. Ik wil de grootste emotie die iemand op dat moment heeft vastleggen.
Ik wil de foto maken die ik mooi vind. In de hoop dat anderen de kwaliteit van die foto ook zien. Mijn foto kan uiteindelijk wel de kapstok, het aanknopingspunt voor een gesprek worden. ‘Wat kijk je kwaad op die foto. Ben je altijd zo boos op je werk?’ of ‘Je kijkt alsof je de hele wereld aankunt. Wat ga je veranderen in je bedrijf?’
Geen veredelde pasfoto’s
De mensen die vanuit De Bouwmeester hier komen ken ik niet. Ik zie ze voor het eerst. Ik weet niets van ze, ga het blanco in. Ik ben helemaal aangewezen op kijken. Maar juist door dat kijken, door iemand in de ogen te kijken krijg ik contact. Als ik goed blijf kijken, steeds zie wat er gebeurt, kan ik ook reageren op degene die ik portretteer. Ik zie zijn bewegingen, zijn blik, zijn houding.
Aan een tafeltje in de studio voert Teuntje Klinkenberg het gesprek. Tijdens het gesprek loop ik maar rondjes en rondjes om dat tafeltje en maak ik m’n foto’s.
Samen met de mensen van De Bouwmeester zoek ik naar nieuwe vormen. Zij portretteren iemand in woorden, ik doe dat in beelden.
Ik kan me voorstellen dat mensen soms overdonderd worden door het resultaat. Links hangt het verslag van het gesprek met je. Met jouw meningen over het werk, het bedrijf, de verhoudingen, de sfeer, de collega’s. Opgeblazen tot posterformaat. En daarnaast je foto. Ook die grootte. Dat is natuurlijk nogal wat. Maar het geeft wel duidelijkheid. Vaak zijn mijn portretfoto’s confronterend voor mensen. Door de intensiteit. De intensiteit van hun eigen blik en uitdrukking. Kijk, ik maak natuurlijk geen veredelde pasfoto’s.
Zes van die foto’s op een rij met zes gespreksverslagen erbij geven een goed beeld van het bedrijf, van het management, van de afdeling. Wat zeggen mensen in de gesprekken, wat zeggen ze over elkaar? Maar ook: Hoe kijken ze de wereld in, hoe kijken ze je aan, wat spreekt er uit hun blik? Welke verwachting stralen ze uit?
Soms maak ik ook foto’s op het werk. Een foto van iemand in zijn werkomgeving geeft andere aanknopingspunten voor een gesprek dan een portretfoto. Ik loop met hem door het gebouw waar hij werkt. Wat is je favoriete plekje? vraag ik dan. Laat eens zien waar je werkt. Ondertussen maak ik foto’s.
Portretfoto’s maak ik altijd in zwart-wit. Dat leidt minder af. Alleen waar het om gaat blijft over. Maar foto’s op het werk maak ik juist in kleur omdat het extra informatie geeft over de omgeving die iemand voor zichzelf gecreëerd heeft.
Wat fotografie doet met mensen? Iedereen heeft de grootste moeite met zijn eigen portret. Je bent het niet gewend naar jezelf te kijken. Het zelfbeeld dat je hebt is heel anders. Maar uiteindelijke wil iedereen een afdruk van de foto die ik maak.